|
|
Kleine en grote lanceringen op CeBit
CeBIT sloot afgelopen week zijn poorten. Meer vierkante meters, meer standhouders, meer bezoekers, meer bier. Maar op de keper beschouwd: minder nieuws.
Ooit, vroeger, lang geleden, laten we zeggen zo’n drie jaar, kon je CeBIT nog megalomaan noemen. De grootste vakbeurs ter wereld. De meeste standhouders. De snelste en voor wie het wil en kan zien de meest sexy technische ontwikkelingen. Maar het woord megalomaan volstaat niet langer. Gigalomaan is in geen enkel woordenboek te vinden, maar is vanaf nu het vaste voorvoegsel voor de beurs der beurzen. De 700.000 bezoekers vergaapten zich aan de techniek, verdrongen zich in de hallen, maar meer nog in Messerestaurant Reiss, waar de LØwenbr¬u in hectoliters stroomde en de Bockworst door de M¬del niet was aan te dragen.
De grootse schok kwam na een halve dag dwalen over de beurs. In hal 1 stond plotseling een drukpers: een Heidelberger Quickmaster DI. De laatste techniek erop, erin en eraan, zelfs een grote kleurenmonitor ter controle van de besturing op de modern gedesignde console, maar temidden van de zoemende hoogvolume copiers een vreemde eend in de bijt.
Topman Hartmut Mehdorn van Heidelberg blaft naar Xerox. Xerox op zijn beurt wil opstomen naar een eervolle positie in de grafische bedrijfstak. Maar tussen copier en drukpers gaapt een diepe afgrond. Alleen de echte durfals onder de drukkers springen met de ogen dicht over die gapende afgrond.
Toch staat het vast dat de scheidslijn tussen drukken en kopiëren dunner en dunner zal worden om ten slotte op te lossen. Hal 1 was daar de belichaming van. Veel vertrouwde grafische namen, ook uit de hoek van de leveranciers van afwerkapparatuur, gebroederlijk naast de bouwers van printers, plotters en toner- of inkjet consumerende machines.
Tijdens CeBIT maakte Heidelberg de overname bekend Kodak Office Imaging voor een bedrag van circa $ 400 miljoen. De overname maakt Heidelberg in één klap een serieuze speler op de printermarkt, mits het bedrijf de distributie van de copiers op een doelmatige manier kan organiseren.
De copiers van Kodak hebben een goede reputatie. Bij de overname gaat het om drie 600 dpi- monochrome machines: de 70 pagina’s per minuut ImageSource 70 copier/printer, de 92 ppm ImageSource 92 printer en de gloednieuwe 110 ppm DigiSource 9110 netwerkprinter.
Heidelberg zet in Rochester – de thuisbasis van Kodak in de Verenigde Staten - een nieuwe organisatie op, Heidelberg Digital, die de bouw en marketing van de copiers zal gaan leiden. Onder Heidelberg Digital vallen de Office Imaging Unit, NexPress en Heidelberg Prepress. Heidelberg Prepress is de business unit waarin onder andere het voormalige LinotypeHell is ondergebracht.
Heidelberg Digital opent met vooral de DigiSource de frontale aanval op de Xerox DocuTech, de hoogvolume zwart/wit printer waarmee alleen Xerox op de markt was. De activiteiten van NexPress, het eerdere samenwerkingsverband tussen Heidelberg en Kodak worden geïntensiveerd. Meer dan 1500 banen gaan van Kodak naar Heidelberg en NexPress.
Overigens blijft Kodak partner in het NexPress project. Doel van NexPress is tijdens Drupa 2000 met een kleurencopier of kleurenpers te komen, die robuust is, kan personaliseren en waar de wereld versteld van staat. Aan het project werken sinds 1997 vierhonderd mensen.
De lancering van de Kodak DigiSource, op de markt gebracht door Danka, zorgt bij iedereen die ook maar iets te maken heeft met drukken of printen voor opwinding. Maar tijdens CeBIT blijkt ontnuchterend sterk dat er volksstammen zijn die niet warmlopen voor de resolutie van een printer, de al dan niet digitale aansturing van een pers of een nog snellere RIP. Voor die bezoekers is er bij gebrek aan echt groot nieuws elk jaar sprake van een mini hype. (Opmerkelijk veel Duitse bezoekers spreken van een hiep.) Deze keer viel die eer te beurt aan de Bluetooth techniek, Windows CE en kleine, platte beeldschermen met een vlijmscherp beeld.
Eerst Bluetooth. Wie zich niet stoort aan rondslingerende snoeren hoeft niet verder te lezen. Veronderstel dat je de drukkerij of de prepress-afdeling oploopt nadat er thuis in de avonduren op de laptop een klus is afgemaakt. Zodra je op je werk over de drempel stapt met je Powerbook, worden op de fileserver de bestanden gesynchroniseerd.
Wie bedenkt zoiets? Begin 1998 staken IBM, Intel, Toshiba, Ericsson en Nokia de koppen bij elkaar. Doel van de club was een zo open mogelijk techniek te ontwikkelen om computers draadloos met elkaar te laten communiceren. De ontwikkelaars zochten de oplossing in kleine, goedkope kortegolfzenders en ontvangers in het 2,45 GHz-gebied. Philips is enthousiast, anderen doen mee. De echt grote bestanden moeten voorlopig nog wel via stekker, draad en netwerk, want de maximale overdrachtssnelheid is 721 Kb per seconde.
De tweede minihype. Windows CE bestaat al een paar jaar, maar wist niet massaal door te dringen tot de palmtops en elektronische agenda’s. Psion pakte een groot deel van deze markt met zijn eigen software die vriendelijk met de batterijen omgaat, een keurig groen zwart/wit schermpje toont en zo goed als altijd werkt. Maar het moet in kleur en als ik toch in Word een tekst maak of in Excel een som, dan wil ik dat ook in mij agenda kunnen. Microsoft heeft de adem en de fondsen een techniek lang in de lucht te houden, ook als de massa er niet direct voor valt. ‘Het momentum voor CE lijkt te kantelen’, zei een overigens aardige adviseur. Het sterkste punt van Windows CE is dat je geen document hoeft af te sluiten. De agenda dichtknippen volstaat. Na het openen kan er direct aan hetzelfde document op dezelfde plaats worden verder gewerkt. Apple lanceerde nog niet zo lang geleden de eMate, een kindertypemachine die een tijdje onder journalisten erg populair was met precies dezelfde functie. Eigenlijk is het een schande dat nog niet elke computer deze handige voorziening aan boord heeft.
Over de derde hype – kleine, vlijmscherpe beeldschermen - is niet veel te zeggen: nu nog bijzonder, prachtige dure techniek. Over een jaar gemeengoed en dan nog niet geschikt voor hoogwaardige grafische toepassingen.
In de ene hal is meer opwinding dan in de andere. Maar Adobe kreeg met InDesign de handen van veel toeschouwers op elkaar. De zo open mogelijke software-kern waar omheen producten gegroepeerd kunnen worden, waarmee publicaties in druk en op het net te maken zijn spreekt aan. Eindelijk een pagina-opmaaksysteem dat de concurrentie met QuarkXPress aan kan en niet aan het eind, maar juist aan het begin van zijn technische ontwikkeling staat. Acrobat 4.0 en PDF 1.3, een maand geleden tijdens Seybold in Boston officieel gelanceerd, trokken horden bezoekers. De vraag is wanneer Adobe de volgende schroevendraaier uit de publicatiegereedschapskist klaar heeft. Stilton is de werktitel voor het media asset management systeem dat uiteraard naadloos in het InDesign concept zal passen. De makers van Stilton zijn dezelfde die de databases en het redactiesysteem voor P.Ink bouwden. Een Duitse software-ontwikkelaar die wel de goede ideeën had, maar niet voldoende geld om ze in praktijk waar te maken.
Tussen de grote en kleine lanceringen, de volle en de lege hallen valt er veel nieuws tussen de wal en het schip. Océ, niet alleen in Duitsland een grootmacht, versnipperde zijn aandacht over twee verschillende stands en kon tegen de Heidelberg/Kodak/Danka nieuwsmachine niet op. Scitex, die voor het eerst in Europa zijn VersaMark boekprinter liet zien, die 2000 pagina’s per minuut met 300 x 600 dpi produceert evenmin. Agfa, een trouwe CeBIT-klant, trok de nodige aandacht met nieuwe, ook al in mierzoete kleuren vormgegeven scanners en andere producten, maar achter de schermen gonsde toch vooral de vraag wie op de eerste dag van juni dit jaar het grootste pakket aandelen van Agfa gaat kopen. Man Roland, Xerox?
Ordnung muss sein, is het parool van softwarebedrijf Docunet uit Mònchen. Het is één van de 7300 standhouders die de aandacht van potentiële klanten probeert te trekken. ‘Weet u wel’, laat vorstand Jòrgen Biffar van Docunet weten ‘dat de gezamenlijke oplage in Duitsland van A4-tjes per jaar circa 50 miljard blaadjes papier bedraagt. Een derde van die documenten wordt netjes opgeslagen in ordners langs de muur. Ordnung muss sein. Maar wat kost dat niet aan ordners, aan papier, aan tijd en dus aan geld.’ Het zal niemand verbazen dat Docunet software maakt die dit probleem oplost. ‘Von Nichts kommt Nichts’, zegt Biffar en ‘Ohne Fleiss kein Preiss’. Het is de hoogste tijd voor een LØwenbr¬u.
Drupa is ongeveer eens in de vijf jaar. Naar Grafivak kunnen we, omstandigheden daargelaten, om het jaar. Cebit is elk jaar. Komende maand start de Hannover Messe.
Leon van Velzen [Publicatie: Graficus, maart 1999]
Heidelberg met nieuwe producten
Heidelberg lanceerde ColorFlash 731. ColorFlash is een nieuwe hardware en software-module die het Rip Once, Output Many idee van de Delta techniek gebruikt. Volgens Heidelberg zorgt het gebruik van dezelfde data voor een kwaliteit die op een printer net zo goed is als op een offsetpers. Heidelberg demonstreerde de techniek met het topmodel kleurencopier van Canon, de CLC 1000.
CIP3 maakte ook zijn debuut op CeBIT. Samen met Polar-Mohr toonde Heidelberg de manier waarop een PPF-file, aangemaakt tijdens de digitale drukvormvoorbereiding, de snij- en vouwmachine aanstuurt: een compleet geautomatiseerde mini-drukfabriek. Ook de nieuwe 42-bit Saphir HiRes scanner, een A4-desktop scanner mag gezien worden. De operator kan kiezen tussen twee resoluties de standaard mode (1220 x 3084 dpi voor een A4-origineel) of de high resolution mode (3048 x 3048 dpi voor een origineel van 6,8 cm bij 29,7 cm).
Number crunching na CeBIT
De grootste vakbeurs ter wereld brak alle records. Er kwamen meer dan 700.000 bezoekers van 18 tot 24 maart naar Hannover. De 7341 standhouders waren afkomstig uit zestig verschillende landen. Het netto vloeroppervlak van CeBIT bedroeg circa vierhonderdduizend vierkante meter. Van mogelijke haperingen in de conjunctuur was op CeBIT niets te merken. Volgens de organisatoren zijn zowel bezoekers als standhouders tevreden over de deals die ze tijdens de beurs hebben kunnen sluiten.
|
Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 | Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
|