Offset

 

  

Omhoog

 

 

Nederlandse drukkers behouden geloof in offset

 

Grafische bedrijven hebben toekomst als ze zich vergaand specialiseren of zich ontpoppen tot een totaalaanbieder van grafische diensten. Daarbij zullen zij zich moeten richten op de complete documentenstroom van hun klanten. Het DocuWorld Rapport 1999 toont ook aan dat Nederlandse drukkers een onwankelbaar vertrouwen in offsettechniek hebben.

 

Grafische bedrijven hoeven en kunnen de complete documentenstroom van hun klanten niet in hun eentje overnemen. Op het eind van de discussie over printing-on-demand, personaliseren van documenten en PDF is er onder de deelnemers eensgezindheid: er is toekomst voor grafische bedrijven, maar doorgaan met alleen het produceren van drukwerk zal onvoldoende zijn. Klanten willen zoveel mogelijk één loket voor hun vragen op communicatiegebied. Dat staat in het DocuWorld 1999 Rapport.

 

Op 19 en 20 mei vond in de Amsterdamse Rai DocuWorld 1999 plaats. Van een show van printers en copiers ontwikkelde DocuWorld zich tot een platform van kennisuitwisseling over de techniek en marketing van documentenstromen. De belangrijkste ontwikkelingen op dit terrein spelen zich af op het kruisvlak van de automatiseringsindustrie en de grafische bedrijfstak. Daar waar drukkers eens hun neus ophaalden voor de slechte kwaliteit van printers, groeit de belangstelling voor het behandelen van de totale documentenstroom voor hun klanten met de dag.

 

Om de stand van zaken in de grafische bedrijfstak op het gebied van documenten uit te zoeken initieerde Xerox ter gelegenheid van DocuWorld een onderzoek onder driehonderd Nederlandse grafici die een dwarsdoorsnede van de industrie vormen. De resultaten zijn tijdens de Grafische Avond van DocuWorld op 19 mei in Amsterdam officieel bekend gemaakt.

 

Het onderzoek viel in twee delen uiteen. Allereerst werden 27 vragen aan driehonderd grafische bedrijven voorgelegd. Vervolgens bediscussieerden acht vertegenwoordigers van de grafische bedrijfstak deze resultaten. Hoewel er geen wetenschappelijke conclusies aan het onderzoek mogen worden verbonden (de groep respondenten was 300 mensen groot) zijn er interessante trends te melden.

 

Bij ruim 64% van de ondervraagden is drukken de belangrijkste activiteit, gevold door bedrijven die zeggen ‘alles’ te doen, dus het volledige grafische productietraject voor hun rekening nemen. Slechts 3% van de ondervraagden noemde ‘printen’ als belangrijkste activiteit. Op de vraag ‘Vindt u offset een superieure techniek vergeleken met printtechniek’, antwoordde bijna 72% met ja. Ruim 18% vond dat niet (meer) het geval en 10% van de ondervraagden wist het niet.

 

Ondanks het feit dat er in Nederland ruim 800 hoogvolume zwart/wit printers staan opgesteld (vooral DocuTech’s) staan drukkers niet vooraan als hen gevraagd wordt of ze binnen twee jaar gaan investeren in een hoogvolume zwart/wit printer. Ruim driekwart van hen weet zeker van niet, bijna 17% denkt van wel. Een opmerkelijk klein aantal - 8% - weet nog niet of het investeren in een zwart/wit printer een goed idee is. De marktkansen voor het werk dat van deze machines afkomt, schatten de ondervraagde drukkers laag in. ‘Kunt u geld verdienen met een hoogvolume zwart/wit copier’, was de even Nederlandse als directe vraag. ‘Nee,’ denkt 64,5% van de grafici. ‘Ja’, zegt 28,6% en de ‘weet niet’ hangen zoals bij veel antwoorden op de vragen rond de 10%.

 

Bij de hoogvolume kleuren printer liggen de uitkomsten iets anders. Er zijn meer drukkers die aarzelen (10%), meer die zeggen dat ze binnen twee jaar in een kleurenprinter gaan investeren (28%), maar ook hier denkt de meerderheid (62%) daar niet aan. Veel meer drukkers denken met een full colour copier een boterham te kunnen beleggen dan met een hoogvolume zwart/wit. Bijna 35% denkt geld te verdienen met een full colour printer. Een kleine meerderheid van 54% ziet daar geen mogelijkheden voor.

 

Een paar andere opvallende uitkomsten uit het onderzoek. Een derde van de ondervraagden uit de grafische bedrijfstak ziet onvoldoende marktkansen om te gaan investeren in printing-on-demand. Toch zegt bijna 60% dat steeds meer klanten vragen om werk dat direct geleverd moet worden. De deelnemers aan de discussie denken dat de oorzaak hiervoor is te vinden in de almaar snellere levertijden. Bovendien is het bij printing-on-demand niet per se noodzakelijk een printer in te schakelen. Door ver doorgevoerde persautomatisering zijn kleine oplagen in offset nog steeds mogelijk.

 

Voor het personaliseren van mailings volstaat deze aanpak niet. De helft van de klanten van grafische bedrijven is bezig met de een of andere vorm van één-op-één activiteiten. Toch is het merendeel van de grafische bedrijven hier niet mee bezig. Dat klopt ook wel, denkt het panel. Als je naar de samenstelling van de ondervraagde groep kijkt, zijn dat vooral de conventionele, ‘klassieke’ grafische bedrijven. Dat zijn ondernemingen met minder dan vijftien medewerkers, die vooral voor de lokale markt werken.

 

Het personaliseren van documenten staat nog pas in kinderschoenen. Wie zijn databases goed op orde heeft, is al blij als de NAW-gegevens voor het grootste deel blijken te kloppen. Het maken van ‘klantprofielen’ op basis waarvan echte gepersonaliseerde documenten volautomatisch kunnen worden samengesteld is nu nog vooral theorie. Temeer daar voor het up to date houden van dit type één-op-één marketing de databases permanent gevoed moeten worden met de respons op gevoerde acties. Die respons komt binnen via de telefoniste, via antwoordkaarten, via Internet en via andere media. Het creëren van een gesloten productiesysteem dat al deze elementen omvat vormt een van de grootste uitdagingen die marketeers de printing-on-demand industrie stellen. Voor de klassieke drukker is de uitdaging nu nog een stap te ver.

 

Leon van Velzen

 

[Publicatie: Grafisch Nieuws, mei 1999]

 

Meer informatie over het DocuWorld Rapport 1999: Xerox, Amstelveen, tel +31 (0) 20 656 33 33.

 

 

Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 |  Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
Laatst bijgewerkt:
22 juni 2010
Al het gepubliceerde werk op deze website valt onder de spelregels van creative commons.