Internet

 

  

Omhoog

 

 

'Grafici moeten slimmer werken'

 

De nette manier waarop grafische producten tot stand komen, gaat volledig op zijn kop. Klassieke productieketens vallen uit elkaar tot schimmige netwerken. Het Gea analyseerde de gevolgen voor de grafische bedrijfstak. Internet mag ontketend zijn, maar hoe zit het met de prepresser, drukker en afwerker?

 

‘Heb jij het laatste boek van Ton Puister al gelezen?’ ‘Ton wie’, zeg je? ‘Ton Puister, je weet wel, die schrijver van Who is Who in Bulgarian Politics van 1990 – 1999. Hij is nu een veel en graag geziene gast in Sofia.’

 

Weinig mensen in de Amsterdamse Loods 6 hadden ooit van de bestsellerauteur gehoord, die ook met Bulgarije in Beweging al enig opzien baarde. Totdat Uitgeverij Gopher uit Groningen het manuscript van Puister via Internet en zijn digitale printer tot een echt boek transformeerde. Het was één van de voorbeelden van oprichter en directeur van Gopher Hans Offringa die als slotspreker mocht aantreden tijdens het Gea-seminar Internet Ontketent.

 

Offringa sloot de rij sprekers die zich met twee thema’s bezig hielden. Het creëren van nieuwe producten en diensten met behulp van Internet, of het stroomlijnen van de inkoop en productie om zo een efficiëntere productie en dus kostenbesparingen te kunnen realiseren.

 

Traditiegetrouw organiseert de Gea adviesgroep uit Weesp elk jaar een seminar. Vorig jaar stond printen-op-afroep op de agenda, deze keer was Internet aan de beurt. Of preciezer in Gea-termen geformuleerd: de impact van Internet op de waardeketen van professionele informatievoorziening.

 

De vraag is: hoe groot is die impact precies op de grafimedia industrie? Wat verandert er nu al en in de toekomst in de hele productieketen van de schrijver die de eerste letter op het maagdelijke papier tikt, via een uitgever bij een drukker en binder komt totdat uiteindelijk de lezer het boek openslaat en bij de kassa afrekent?

 

Gea afficheert zich als aanhanger van het zogenaamde ‘ketendenken.’ Dat is begrijpelijk. Ook de klassieke grafische bedrijfstak bestond uit vele schakels, waarbij elk van de ambachtslieden een deel van de werkzaamheden verrichtte, waarna een grafische collega de volgende stap in het productieproces overnam. De zetter zette, de drukker drukte en de binder werkte af. Netjes, overzichtelijk en voorgoed voorbij.

 

Projectleider Pieter Hermans: ‘We hebben in dit eerste jaar van het nieuwe millennium bewust gekozen voor Internet. We analyseerden de traditionele waardeketen van vakbladen en wetenschappelijke informatie: een keten waarop Internet grote invloed heeft. In de meer traditionele keten worden veel informatieproducten voor zakelijke gebruikers ontwikkeld, geproduceerd, verkocht en verspreid. Internet maakt het mogelijk om deze eindgebruiker ’rechtstreeks’ te voorzien van deze informatie. Informatie die relevant is voor de uitoefening van zijn vak: snel, overzichtelijk en op de werkplek van het individu.’

 

Dat heeft, volgens Hermans, ingrijpende gevolgen. ‘Het prepublishingbedrijf, de drukker de binder en de distributeur van informatie op papier kunnen daarmee volledig gepasseerd worden.’ Sterk geformuleerd: de traditionele waardeketen valt uit elkaar.

 

Tijdens Internet Ontketent struikelden de voorbeelden over elkaar die het gelijk van deze stelling aantoonden. Tandarts Bart Grol vond het gat in de markt dat traditionele uitgevers van vakbladen lieten vallen en begon met Dentalplaza. Deze website heeft drie functies: informatie, communicatie en bestellen.

 

Grol zette zijn site op als een echt gebouw en laat de adverteerder ook per vierkante meter betalen. Als ze er in hun ontvangstruimte een plant bij willen hebben, of de balie geschilderd in een kekke kleur, moet er extra geld op tafel komen. Volgens de niet meer praktiserende tandarts gaat er via zijn site zo’n acht tot twaalf procent om van de producten die jaarlijks aan tandartsen worden geleverd. ‘Het gaat niet om de website, maar om het creëren van een community’, is de filosofie van Bart Grol.

Derk Haank van Elsevier is een uitgever die zich niet zo makkelijk laat inhalen door nieuwkomers. ‘Doet iemand anders iets beter dan wij, dan hebben we dat na vier maanden ook.’

 

Opmerkelijk is de verandering die de twaalfhonderd papieren, zwaar gespecialiseerde wetenschappelijke uitgaven van Elsevier, ondergingen. De rendementen op deze producten liepen makkelijk op tot wel vijftig procent. Wetenschappers kunnen niet zonder de uitgaven, maar tegelijkertijd groeide de aversie tegen de financiële slokop. Al in 1980 begon Elsevier zijn documenten in SGML weg te schijven. In 1996 startte Science Direct en volgens Haank was er vorig jaar sprake van The New Elsevier.

 

Lezers nemen nu een abonnement op de database uitgaven. Voor de eindgebruiker betekent dit dat zijn kosten sterk omlaag gaan, maar uiteindelijk betaalt hij zo’n tien procent meer. Toch zijn de lezers veel meer tevreden dan twee jaar geleden. ‘Een bibliotheek heeft bij ons een abonnement ter waarde van half miljoen dollar voor vier tijdschriften. De digitale versie kost slechts 55.000 dollar meer, maar hij heeft dan wel toegang tot alle publicaties. Het bereik van alle titels ligt daardoor veel hoger. We produceren niet alleen meer voor de boekenplank.’

 

Dat komt ook doordat Haank en zijn mensen ‘toeters en bellen’ aan de informatie toevoegen. ‘Moleculen moeten draaien en met hyperlinks spring je erg makkelijk door de tekst. Op dit moment heeft 45 procent van zijn lezers een abonnement op de databasetoegang. Eind 2001 verwacht Haank dat dit getal zal zijn gestegen tot 95 procent.

 

De Amerikaan Robert Hu vloog voor Internet Ontketent de oceaan over. Ooit was Hu eigenaar van een drukkerij die al generaties in de familie was: A&A Printers & Lithographers in Menlo Park, Californië. Zijn bedrijf zette zo’n tien miljoen dollar per jaar om, zeker voor Amerikaanse begrippen een ‘small company’. In 1992 besloot Hu dat het toen nog obscure Internet voor hem en zijn business iets kon betekenen. Hu wilde de harde scheiding tussen creatie en prepress of productie opheffen: hij ging op zoek naar ‘virtual manufacturing’.

 

Robert Hu is nu multimiljonair. Niet doordat hij zo’n uitmuntende graficus  is – hij heeft het familiebedrijf inmiddels verkocht – maar doordat hij zijn ideeën over hoe drukkers moeten omgaan met Internet in daden wist om te zetten.

 

Samen met zijn broer Alan startte Hu in 1998 Collabria, een bedrijf dat e-commerce oplossingen voor drukkers aanbiedt. Collabria (www.collabria.com) is opgezet volgens dezelfde filosofie als de site van A&A Printers. De kern van de zaak is dat drukwerk zo veel mogelijk geautomatiseerd moet zijn en de klant maximale invloed moet hebben op het eindresultaat. 

 

Collabria heeft grote en aansprekende namen onder zijn klanten, zoals het Internationale Monetaire Fonds, Hitachi, Yahoo! en Infoseek. Uitgever Ziff-Davis gebruikte Collabria in twee maanden 1400 keer. Hu en zijn broer hebben naar eigen zeggen achthonderd van die klanten.

 

De bezoekers van Internet Ontketent kennen Hu alleen als de grote man achter Collabria: dat wil zeggen als een drukwerkbemiddelaar die met behulp van Internet de laatste rendementscenten bij de drukker weet weg te halen. Hu nuanceerde dat beeld: ‘Collabria is een telefoonmaatschappij die zorgt dat er verbindingen komen te liggen. Slimme verbindingen, dat wel. Als een klant offerte vraagt voor een boek in een behoorlijke oplage, moet er automatisch een mailtje naar de papierleverancier. Heeft hij dat papier niet op voorraad, dan weet de drukker onmiddellijk dat hij niet op korte termijn kan leveren.’ Trouwens’, zei Hu: ’Printen op basis van e-commerce maakt op dit moment nog geen drie procent uit van het totale drukvolume in de Verenigde Staten.’

 

Maar daar gaat het niet om, de filosofie van Hu is anders: hij zet Internet in om de productie van papieren producten te versnellen en de doelmatigheid verbeteren. Dat scheelt enorm in de kosten in dat is weer goed voor de toekomst van drukwerk. ‘Grafici moeten ophouden met nog harder te werken, maar beginnen met slimmer werken’, was zijn boodschap.

 

Leon van Velzen

 

[Publicatie: Graficus, november 2000]
 

 

Gea adviesgroep en BSR starten Gea Recruitment

 

Gea adviesgroep uit Weesp en BSR Partners uit Zwolle startten op 9 november Gea recruitment. De nieuwe onderneming gaat zich bezighouden met het werven en selecteren van managers, commerciële medewerkers, projectleiders, leidinggevenden en stafmedewerkers binnen de grafimedia industrie, uitgeverijen en informatie-intensieve corporate organisaties. Gea recruitment staat onder leiding van Angèle Goossens, afkomstig van de Gea adviesgroep en Valentin Meijer van BSR Partners, een bedrijf voor personeels- en organisatie adviseurs.

 

Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 |  Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
Laatst bijgewerkt:
22 juni 2010
Al het gepubliceerde werk op deze website valt onder de spelregels van creative commons.