|
|
Marktonderzoek printen vraagt korrel zout Onderzoeksbureaus,
al dan niet betaald door printerfabrikanten, noemen
de markt voor digitaal drukwerk al jarenlang veelbelovend. Dubbele groeicijfers
in kleur en zwart/wit. Wat kwam er terecht van die mooie voorspellingen? Vroeger
was het makkelijk. Ja,
vroeger. Wanneer een boer een koe nodig had, ging hij naar de markt, kneep eens
in d’r billen, keek in de ogen, schatte hoeveel kilo melk ze zou gaan geven,
berekende razendsnel hoeveel zo’n koe dan mocht kosten en met klappen van
vereelte handen kwam de verkoop tot stand. Na afloop was er een goede sigaar en
een glas jenever. De
aanschaf van een productiemiddel
als een printer is in beginsel net zo eenvoudig. Simpeler nog: omdat je anders
dan bij een koe met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de productie
van zo’n machine kunt uitrekenen. Wat
je niet weet
is hoe de markt voor printen-op-afroep zich ontwikkelt. Om die zekerheid te
verminderen geven printerfabrikanten sinds jaar en dag onderzoeksbureaus
opdracht de toekomst in kaart brengen. Uiteraard is dat een hachelijke
onderneming. Wat gisteren logisch leek, is vandaag achterhaald. En cijfers
afkomstig van producenten van printers – zo leert recente geschiedenis -
dienen sowieso met een korrel zout te worden genomen. In
het boek The
Print-on-Demand Opportunity,
uitgegeven in 1998, stelt
onderzoekbureau Cap Ventures dat de markt voor printen-op-afroep in 1995 circa 7
procent bedroeg van de totale drukwerkmarkt. De onderzoekers verwachtten in die
tijd dat het aandeel printen-op-afroep in het jaar 2000 zou zijn gestegen tot
19,1 procent van de totale drukwerkmarkt. Dat zou betekenen dat nog eens twee
jaar later een vijfde van het al
het drukwerk via printen-op-afroep tot stand zou moeten komen. Dat is zeker niet
zo. De
CEO van Xerox
Anne Mulcahy citeerde hetzelfde onderzoekbureau tijdens de openingsspeech van
Ipex in april dit jaar. Zij stelt dat in het jaar 2000 de markt in Europa voor
printen-op-afroep 13 miljard dollar besloeg. Naar verwachting van Cap Ventures
zou deze in 2005 circa 32 miljard dollar bedragen. ‘Het is het enige onderdeel
van de industrie dat ik ken dat groeit met circa twintig procent per jaar’ zei
Mulcahy. De topvrouw van Xerox lardeerde haar verhaal met veel meer cijfers,
alle met dezelfde boodschap: de markt voor printen-op-afroep vertoont nog steeds
een explosieve groei. Xerox
Nederland
meldt in Graficus
dat de digitale printmarkt per jaar met elf procent groeit. ‘De Europese markt
voor digitaal vervaardigd drukwerk is de komende drie jaar (…) goed voor een
omzet van ruim 11 miljard euro’, laat Xerox in een advertentie weten. De
onderneming baseert zich daarbij op onderzoek van Pira in 2001. Verwarring ten
top want Pira International, bekend van eigen onderzoek en de organisatie van
seminars, publiceerde in april dit jaar in de uitgave digitaldemand
meer bescheiden cijfers. Dit jaar bedraagt het volume van commercieel
printen-op-afroep (dus exclusief het printwerk op kantoren) circa 4,5 procent
van de totale grafische markt. In 2007 bedraagt dat percentage volgens Pira
circa 7 procent. Het
Handbook of Print Media, gemaakt in opdracht van Heidelberg, constateert eveneens groei op de
markt voor printen-op-afroep, maar geeft geen nadere details. In de cijfers
maakt Heidelberg geen onderscheid tussen conventioneel drukken en
printen-op-afroep. Ten overvloede: volgens het Handbook
behaalden in 2000 de 430.000 drukkerijen die er op de aarde draaien een omzet
tussen de 430 en 460 miljard dollar. De grootste consument van drukwerk is de
Japanner met een consumptie van circa 480 dollar per inwoner per jaar. De
snelste groei wordt verwacht in China, Zuid-Oost Azië, Latijns-Amerika en
Oost-Europa. Het
is verleidelijk een opsomming
te maken van alle cijfers van fabrikanten en onderzoekbureaus en hun
uitgesproken groeiverwachting, maar tot meer duidelijkheid leidt dat niet. Ruw
samengevat bewegen de verwachte oplagecijfers voor printen-op-afroep en genoemde
groeipercentages zich tussen een zeer grote bandbreedte. Het meest optimistisch
zijn - niet verrassend - de printerfabrikanten met in hun kielzog bureaus die in
opdracht van deze fabrikanten onderzoek verrichten. Ter illustratie: volgens
schatting van Pira zijn er wereldwijd tussen de 35.000 en 40.000 digitale persen
(die kunnen personaliseren) geďnstalleerd. Daarbij gaat het vooral om Xeikon,
Indigo, IBM en Océ met als koploper Xerox. Ondanks de economische tegenwind zou
het aantal geďnstalleerde persen volgens eigen opgave van de fabrikanten in
2005 verdubbeld zijn. Degenen
die het beste
in staat zijn de markt voor printen-op-afroep te volgen zijn de producenten van
toner. Aan de hand van hun verkoopcijfers is exact vast te stellen wat de
marktontwikkelingen in kleur en zwart zijn. Wanneer iemand een verwachting over
de groei van de markt zou kunnen uitspreken zijn het ook juist deze fabrikanten.
Helaas behoren de productie- en verkoopcijfers van deze fabrikanten tot een van
de beter bewaarde geheimen uit de bedrijfstak. Indigo laat niets los over zijn
e-ink, IBM, Xeikon, Xerox en Océ zwijgen als het graf als het gaat om de
verkoopcijfers van hun toner. Worden
grafici die overwegen
de stap te maken naar printen-op-afroep met te optimistische marktverwachtingen
bewust op het verkeerde been gezet? Dat is niet zo. De mens is van nature nu
eenmaal optimistisch. Wanneer verkopers bijvoorbeeld hun verwachte
verkoopcijfers schatten zitten ze steevast te hoog. Maar er zijn meer redenen voor
het feit dat de cijfers driftig alle kanten opspringen. Printen-op-afroep
bestaat
ten opzichte van offset, nu ook alweer een eeuw oud, relatief kort. Dat bekent
in het begin altijd een snelle groei, zeker wanneer de groeicijfers in
percentages worden uitgedrukt. Van bijna geen printwerk naar iets meer, betekent
al snel een verdubbeling van het volume en dus honderd procent groei. Voor de
bezetting van de machine en daarmee over het te behalen rendement is een
dergelijk cijfer dan ook volstrekt irrelevant. De
definitie van printen-op-afroep
is ondertussen uitgekristalliseerd, maar een hechte en eenduidige omschrijving
van ‘de markt’ ontbreekt vaak. Wordt het printwerk in kantoren ook
meegenomen bij het vaststellen van de omvang van de markt? Dat scheelt een jas. Wat
rest is een gezonde dosis ondernemersscepsis
als nieuw marktonderzoek aantoont dat de markt dubbele groeicijfers kent voor
kleur en zwart. Praat met collega’s, analyseer de eigen sterke en zwakke
punten van de onderneming en maak bescheiden schattingen over het te verwachten
printvolume. De markt voor printen-op-afroep is lang genoeg geplaagd door te
optimistische verwachtingen. Wie
daaruit de conclusie trekt
de markt voor het printen in kleine of grotere oplagen maar links te laten
liggen, neemt ook een te korte bocht. Vernieuwing is onlosmakelijk met het
grafisch bedrijf verbonden. Printen zal een steeds groter deel van het volume
van het werk gaan uitmaken, dat zal geen enkele tabel tegenspreken. Naar
marktgegevens achter de komma, moeten we dan maar niet teveel kijken en zelfs de
cijfers voor de komma ook maar laten voor wat ze zijn. Leon
van Velzen Publicatie: Graficus, nummer 31/32, 1 augustus 2002 |
Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 | Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
|