Grafivak 2005

 

  

Omhoog

 

Grafivak is spoor bijster

 

Was Grafivak een succes? Het aantal bezoekers hield gelijke tred met ontwikkelingen in de bedrijfstak en daalde dus vergeleken met de vorige editie behoorlijk. Internationalisering bleek een illusie. Exposanten rekenen uit of hun investering rendeerde. Voor Grafivak 2007 alvast een paar aanbevelingen.

 

De twaalfde editie van Grafivak, van 10 tot 14 mei in de Amsterdamse Rai, vertrok nogal slordig uit de startblokken. Beoogd beursopener Loek Hermans, voorzitter van MKB-Nederland, had het te druk met andere zaken en kon door ‘agendatechnische problemen’ niet optreden. Syntens-directeur Herman Hovestad zou daarom zijn visie op de mogelijkheden van de Nederlandse printindustrie etaleren. Hoe die visie eruit ziet, zullen we helaas nooit weten omdat ook Hovestad op het nippertje zijn afspraak afzegde – inderdaad: ‘agendatechnische oorzaken’.

 

Uiteindelijk opende Gea-adviseur Dick Paul het evenement. Niets ten nadele van deze vakman, maar dat er helemaal niemand van enige statuur buiten de branche te vinden is die enkele zinnige woorden wil spreken over een bedrijfstak waar jaarlijks 7,5 miljard euro omgaat, is niet alleen bedroevend maar ook beschamend.

 

Grafivak mikte volgens de persinformatie op 17.000 bezoekers. Ambitieus en ook wat wereldvreemd, daar bij de vorige editie de teller stopte bij 14.500 mensen. Maar ook weer niet zo vreemd omdat twee jaar geleden een aantal gezichtsbepalende exposanten verstek liet gaan. Nu turfden de Rai-medewerkers 12.000 bezoekers. Is dat nu goed of slecht? In 2003 werkten er volgens recente KVGO-cijfers bijna 44.000 mensen voor bij het KVGO aangesloten grafische ondernemingen. In 2004 is dat aantal gedaald tot 38.000 en nu zal het getal nog lager liggen. Dat betekent dat in 2002 bijna een derde van de branche een bezoek aan de beurs bracht. Dit jaar lag dat cijfer op 32 procent. Een keurige score dus, waarbij Grafivak erin geslaagd is het relatieve bezoekersaantal op peil te houden.

 

Van wie is Grafivak? De beurs ging ooit van start in Rotterdam. De grote grafische handelshuizen zaten allemaal in de omgeving van Amsterdam dus een verhuizing naar de hoofdstad lag voor de hand en aldus geschiedde. De tijden veranderen. Wie bij een onderneming gewerkt heeft waar verschillende producten worden gemaakt, weet dat de meeste aandacht van het management altijd uitgaat naar de snellopers en grootverdieners. Grafivak is te klein geworden voor de Rai. Deze is bezig met Huishoudbeurs, Hiswa, of Autorai; publiekstrekkers voor een massapubliek of met prestigieuze beurzen zoals de Kunstrai die vrijwel tegelijkertijd liep met Grafivak en wel zo’n achttienduizend bezoekers trok.

 

Waarom gaat de VLGA niet eens shoppen in Rotterdam of Utrecht? In Maastricht staan ook een paar mooie hallen leeg. Nu de Belgen het zonder vakbeurs moeten doen een interessante optie, waarbij internationalisering niet alleen gepredikt, maar ook daadwerkelijk beoefend kan worden.

 

Wie zijn afkomst verloochent, is de weg kwijt. Ooit was Grafivak voor alles een lokale, nationale beurs. Zonder het verleden te willen romantiseren, ging het hele bedrijf - met vaak de kinderen achterin de bus - gezellig een dagje naar Amsterdam. Waarom dan een vreemde vlucht naar voren en Grafivak positioneren als ‘internationale’ beurs? De beursmanager legde uit dat dit noodzakelijk was om zo ook aanspraak te kunnen maken op internationale marketingbudgetten. Een goedkope truc, waar geen enkele exposant instapt. De enige buitenlandse bezoekers waren de nerds van het DPP-congres die een free lunch scoorden. Wel eens gehoord hoe zij Grafivak op zijn Engels uitspreken? Juist. Geen mooi woord.

 

Het was weliswaar slechts één hal, maar als je binnen kwam zag het er goed uit. Helder, licht en veel eigen standbouw. Toch iets anders dan de eenheidsworst met al die benauwde peeshokjes in Hardenberg en Rijswijk. Professioneel, strak en zakelijk, waarbij de bezoekers opvallend bleven plakken aan het begin van de hal bij de grote printleveranciers of aan het einde bij het Adobe-paviljoen.

 

MediaCity kon net als tijdens de vorige editie de pretenties niet waarmaken. Niets mis met kleinere kennisaanbieders - en deze in het hart van de beurs plaatsen is op zijn minst sympathiek - maar geef er geen fancy namen aan. Opvallend was zeker ook de stand van Kenniscentrum GOC aan wie de malaise in de bedrijfstak ogenschijnlijk voorbij lijkt te gaan.

 

Het congres DPP 2005 leverde een interessante verzameling ingenieurs en technici op, maar heeft helemaal niets met Grafivak te maken. De bedenkers van nog kleinere spuitmondjes en innovatieve tonerwolken vertoeven in een compleet andere wereld dan de graficus die zijn brood niet verdient in de loopgraven van het onderzoekslaboratorium, maar gewoon met voorbereiden, drukken en afwerken. Daarom was het jammer dat bijvoorbeeld de Grafische Cultuurstichting het prima initiatief van twee jaar geleden niet doorzette, maar voor het jaarlijkse prijzenfestival uitweek naar de Beurs van Berlage. Vaak jonge ontwerpers, uitgevers en anderen voor wie de grafische bedrijfstak belangrijk, maar vaak ook te onbekend is, hadden hun ogen kunnen uitkijken.

 

Wie waren er dit keer nog meer niet bij? Uiteraard Tetterode dat in tegenstelling tot andere grote merken, het eigen open huis weer verkoos boven het branchebrede belang. Andere opvallende wegblijvers waren Müller Martini – destijds onder de vleugels van Wifac een geducht merk – en printerleverancier Canon. Naar de reden van hun afwezigheid kunnen we slechts gissen. Maar, zoals twee jaar geleden op deze plaats gememoreerd, je in je eigen fort terugtrekken is ook in moeilijke tijden een zwaktebod.

 

De gezamenlijke Nederlandse papierindustrie voerde een treurspel op, door het beoogde Papierpaviljoen uiteindelijk af te blazen. Jammer, want papier vormt nog altijd de basis van de grafische bedrijfstak. Drs. W.J. Emmen, voorzitter van de Koninklijke VNP, wist het aan de vooravond van Grafivak nog zo treffend te formuleren. “De papier- en kartonindustrie pakt de handschoen op. Een belangrijke voorwaarde is het tonen van initiatief en ambitie. Want alleen door nu in te zetten op een grote sprong voorwaarts, zijn we in de toekomst nog concurrerend en wordt er blijvend geïnvesteerd in Nederland.” Tsja.

 

De belangrijkste wegblijvers wisten niet eens dat ze welkom waren. Waarom was de Thiemegroep er niet met een grote stand? Waar waren de Belgische drukkers? Wat deed Ted Gigaprint besluiten deze keer maar niet te komen? En waarom gaat Xplor  - waarschijnlijk op zo’n naargeestige hotellocatie - weer een eigen feestje in juni bouwen? Drukwerkinkopers, uitgevers, verzekeringsmaatschappijen, banken, zorginstellingen, ministeries, kortom alle grote drukwerkinkopers moeten naar de beurs gesleurd worden. Grafici zijn niet alleen bezoekers van Grafivak, maar hebben ook eigen producten in de aanbieding. Op Grafivak gaat het niet over ‘workflow’ zoals het thema voor deze beurs luidde, maar over handel. Handel in machines, materialen en software, maar evengoed handel in grafische producten. Daarbij zijn alle spelers in de productieketen meer dan welkom.

 

Tegen beter weten in, toch maar een aantal aanbevelingen die na afloop van de vorige editie evenmin iets uithaalden. ‘Verbiedt offsetpersen op de beursvloer’, schreef ik twee jaar geleden. Dat beeld moet ik nuanceren. Drukpersen zijn niet voor niets van gietijzer en kunnen zo een sterke magneetwerking hebben op de bezoekers. Een draaiende pers trekt altijd de aandacht. De organisatoren zouden een zeer stevige staffel in de vierkante meterprijs kunnen inbouwen, met een bonus voor draaiend staal en spinnende printers. Op een vakbeurs wil je niet alleen borden en beeldschermen zien met daarop een PDF-workflow, maar moet het ruiken naar inkt en rubberdoek.

 

‘Zorg voor meer actie’. Dat geldt nog steeds. In de gangpaden was het van tijd tot tijd een dooie boel. Doe zoals Adobe en zet een grote tent in het hart van de beurshallen en houdt daar lezingen en bijeenkomsten. Maak een lespakket voor de grafische lycea, waardoor leerlingen meer moeten doen dan affiches verzamelen en laat ze mooie prijzen winnen. Laat kopstukken uit de industrie met elkaar op de vuist gaan aan e hand van prikkelende stellingen – op de beursvloer uiteraard. Toon de kalenders van Het Grafisch Weekblad elke twee uur met bloedmooie modellen op de catwalk. En waar waren de winnende inzendingen van de Graficus POD Awards 2005?

 

Na afloop van Grafivak liet de organisatie weten dat in 2007 de beurs samenvalt met de ICT-beurs Tine. Volgens een blij CMBO “wordt daarmee de eerste inhoudelijke stap gezet in de realisatie van de betekenis van convergerende media voor media-inkopers.” Huh? Over twee jaar geen internationalisering meer, maar een stap in de richting van convergerende media? Trek je daar volle zalen mee?

 

Voor wie het spoor opnieuw bijster is: Grafivak dient zich te profileren als de vakbeurs voor papiergebonden producten. Een prijs gaat overigens naar degene die voor deze term een betere uitdrukking weet te bedenken. Op zo’n vakbeurs zijn de ICT-jongens welkom, evengoed als bijvoorbeeld de digitale fotografen, omdat ze papiergebonden producten mede mogelijk maken, net zoals alle persen-, printer- en hard- en softwareleveranciers. Kopers en verkopers die actief zijn in de gehele productieketen bij elkaar brengen, daar gaat het inderdaad om.

 

Leon van Velzen

 

[Publicatie: Graficus, mei 2005]

 

 

 

Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 |  Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
Laatst bijgewerkt:
22 juni 2010
Al het gepubliceerde werk op deze website valt onder de spelregels van creative commons.