|
|
‘Ingenieurbureaus opereren op een cyclische markt. Na zeven vette jaren volgen steevast zeven magere. Het variabiliseren van vaste kosten is dan ook de belangrijkste reden om tot outsourcing over te gaan’, zegt general manager van Fluor Ton Rouwhorst. Ton Rouwhorst werkt al meer dan dertig bij Fluor. Met een lange staat van dienst kent hij alle hoeken en gaten van het bedrijf. Rouwhorst is in december 2003 gaan nadenken over het outsourcen van zijn printactiviteiten. ‘Het enige wapen wat we in de concurrentiestrijd met andere bureaus kunnen inzetten, zijn onze mensen. Fluor is dan ook een echte people bedrijf. Wanneer je dan serieuze stappen zet om een deel van je activiteiten te gaan outsourcen waar mensen van je bij betrokken zijn, ga ja niet over één nacht ijs.’ De centrale repro, de postkamer en de grafische ontwerpafdeling van Fluor telde op dat moment vijftien medewerkers, onder leiding van Herbert Orlowski. Orlowski met veertig dienstjaren bij Fluor is tegenwoordig Senior Manager Office Services: ‘Onze kernactiviteit is het ontwerpen en bouwen van fabrieken. Daar komt nog steeds veel papier bij kijken, maar het is niet onze core business.’ Nadat Rouwhorst en Orlowski de plannen tot outsourcing bekend maakten, was het wel even stil op de afdeling. Orlowski: ‘Mensen hadden het immers prima naar hun zin bij Fluor. Een enkeling werkte hier al meer dan een kwart eeuw. Toch hadden we ook goed nieuws. Alle activiteiten van de dienstverlening in relatie tot de medewerkers bleven vanuit het Fluor Haarlem kantoor operationeel. Daardoor hoefden de medewerkers niet naar een andere werklocatie te verhuizen. Voort onze organisatie bleef daarmee de Fluor know-how in huis. Wanneer je je printactiviteiten buiten je eigen organisatie brengt, doe je dat bij een club waar printen juist wel tot de kernactiviteiten behoort. Daarmee gaat de kwaliteit van je werk omhoog en kan je je ook in de breedte verder ontwikkelen.’ Fluor is van huis uit een Amerikaanse onderneming, maar de Nederlandse vestiging is relatief autonoom. Rouwhorst: ‘We staan binnen onze organisatie bekend als scherp en positief kritisch. We zijn niet bang om elkaar te challengen, wanneer het gaat om het verbeteren van werkprocessen, projecten en de organisatie. In de Verenigde Staten en Groot-Brittannië kwam de outsourcing van printactiviteiten al eerder op gang. De vestigingen daar kozen voor een andere dienstverlener. Dat betekent niet automatisch dat wij onze keuze dan ook daarop maken.’ Ook andere kandidaten waren dus in de race, nadat het besluit tot outsourcen eenmaal genomen was. Rouwhorst: ‘We herkenden bij Océ in Den Bosch en Venlo bijzonder veel van de manier waarop ook wij hier in Haarlem graag werken en zakendoen: open, recht door zee, vakbekwaam en mensgericht. Je moet er dan zakelijk goed uit zien te komen, maar dat vormde geen probleem.’ In juni 2004 ging het contract dan ook naar Océ Business Services. Orlowski: ‘Ik spreek liever niet over een contract, maar over een wederzijdse overeenkomst. Dat geeft de sfeer beter weer. Océ nam onze mensen over. Dat was onze belangrijkste zorg. Je grijpt immers diep in op het privé-leven van mensen. Iedereen is het erover eens dat dit hele proces zorgvuldig is verlopen.’ ‘In het contract zijn heldere afspraken opgenomen over levertijden en de kwaliteit van het printwerk. Ook de piekbelasting is geregeld en wanneer het elders te druk is, kan Océ deze printsite inzetten om productiepieken van bijvoorbeeld onderwijsinstellingen op te vangen. Dat kan uiteraard alleen wanneer onze eigen werk geen prioriteit heeft.’ ‘Océ zet in principe eigen machines in. Midden 2005 hebben we, naast de centrale repro, de postkamer en de grafische ontwerpafdeling, ook alle netwerk-printactiviteiten van Fluor met een zogenaamde ‘contractmodificatie’ in de overeenkomst ondergebracht. Dat is recent opnieuw getekend, waarbij we nagenoeg alle kosten van de totale dienstverlening variabel hebben gemaakt. Voor ons een eis, maar voor Océ niet altijd gemakkelijk. Bepaalde projectteams of klanten die in ons kantoor werken, willen bijvoorbeeld tijdelijk een eigen printer, terwijl onze afspraken daar niet in voorzien. In goed overleg met onze printpartner zijn we daar tot nu toe altijd uitgekomen.’ Het outsourcen van activiteiten is bij Fluor nu redelijk afgerond. Rouwhorst: ‘Alles wat niet expliciet tot onze kerntaken behoort, is nu uitbesteed. Dat doen we dan niet bij een bedrijf dat aan ‘outsourcing’ doet, maar bij specialisten, waarbij het bewaken, het verzorgen van de inwendige mensen of het printen zeer nadrukkelijk wel een kerntaak is. Dat moet ook, want we vragen de hoogste kwaliteit. Inmiddels doen we de beveiliging niet meer zelf en ook de catering hebben we buiten de deur gedaan. Overigens kiezen we dan wel een bovengemiddeld goede cateraar, want ik wil onze medewerkers niet alleen tevreden, maar ook gezond houden. Al onze IT-activiteiten zijn wereldwijd uitbesteed aan IBM.’ ‘Ik zie de rol van Océ op het gebied van het automatiseren van onze documentenstroom graag groeien. In dit pand alleen lopen tegelijkertijd circa dertig tot 35 projecten. Al die projecten leveren een karrenvracht documentatie op die steeds meer digitaal wordt. Het goed managen van die stroom is een kunst apart, waarvoor we hier zelfs specialisten hebben rondlopen. Ik verwacht dat we die documentenstroom in de toekomst ook bij een partner onderbrengen - en wat mij betreft mag dat Océ zijn.’ Rouwhorst en Orlowski filosoferen over de aanpak van de bibliotheek waar eigen documentatie wordt opgeslagen, maar ook abonnementen op vakliteratuur wordt geregeld. ‘Vorig jaar is er al een grote schoonmaak gehouden, maar we moeten daar nog eens induiken. Bij het outsourcen van dit type documentatie krijg je mogelijk te maken met zaken zoals wettelijke voorschriften en bewaartermijnen van tekeningen en manuals van technische installaties.’ Herbert Orlowski heeft naar eigen zeggen geen dag spijt gehad van het contract dat getekend is met Océ. Maar hij blijft kritisch. ‘Destijds is er discussie geweest of ik ook zou overstappen naar Océ. We hebben toen besloten dat dit geen verstandige zet zou zijn. Je wilt als organisatie zo deskundig mogelijk kunnen sparren met je printpartner. Ik weet precies wat er leeft binnen Fluor en noodzakelijk is voor onze organisatie. Je moet als bedrijf bijzonder alert blijven, want je moet er niet aan denken wat er zou gebeuren als de outsourcing van zoiets belangrijks als je printactiviteiten stagnatie veroorzaakt bij onze projecten.’ Leon van Velzen (Publicatie: Document Manager, maart 2006)
Fluor: brede waaier aan activiteiten Fluor is wereldwijd met 30.000 medewerkers in meer dan 25 landen één van de grootste ingenieursbureaus op het gebied van Engineering, Procurement, Constructie en Maintenance Management voor een breed scala aan industrieën. De onderneming is nu actief in O&M, Petrochemie, Power, Life Sciences, Manufacturing en Infrastructuur. Fluor bestaat meer dan honderd jaar en is sinds 1958 in Nederland gevestigd. In ons land staan drie kantoren: in Bergen op Zoom, in Zoetermeer en in Haarlem waar het hoofdkantoor is gehuisvest. Bij de Nederlandse vestigingen van Fluor werken circa duizend mensen. Fluor in Nederland opereert in de petrochemie, de gaswinning, bouwde als hoofdaannemer mee aan de hogesnelheidslijn van Amsterdam naar Brussel en aan de A59-autosnelweg rond Den Bosch.
|
Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 | Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
|