Rare wereld

 

  

Omhoog

 

Rare wereld zonder drukwerk

Een bierflesje zonder etiket. Een krantenpagina zonder tekst en zonder beeld. Een boek met maagdelijk witte pagina’s. Een supermarkt met talloze geheimen in de schappen die verborgen blijven achter blanco pakken omdat niemand ziet wat erin zit. Zonder drukwerk zou de wereld niet alleen heel vreemd zijn, zonder drukwerk zou deze wereld niet bestaan.

Ga rustig zitten achter uw bureau. Of neem op uw gemak plaats op de bank thuis. Sluit uw ogen enige tijd en open ze langzaam. Kijk oplettend om u heen naar het drukwerk dat overal aanwezig is. De reproductie aan de muur. Dit tijdschrift. Het koffietafelboek met prachtige illustraties, net zoals het weekend magazine en - helaas - ook de nog openstaande facturen. Op het werk is het niet anders. Ook daar worden we omringd door drukwerk dat zo gewoon lijkt dat het niet eens opvalt.

Duizenden mensen werken in een bedrijfstak die al dit drukwerk produceert. En dat doen ze niet sinds gisteren. Al meer dan 550 jaar is verstreken sinds Johan Gutenberg losse letters pakte en daarmee het startsein gaf voor een grafische bedrijfstak zoals we die nog steeds kennen. In die eeuwen is er veel veranderd, maar wie wel eens een bezoek aan het wereldberoemde drukkerijmuseum Plantin in Antwerpen heeft gebracht, weet dat de basisprincipes hetzelfde zijn. Het begint met een idee en eindigt met inkt op papier. Waarna de lezer kan kopen, kijken, genieten, zich ergeren of leren - en soms van alles een beetje.

 In die eeuwen heeft het ambacht van de zetter, drukker en boekbinder zich ontwikkelt tot een uiterst moderne bedrijfstak die even innovatief als competitief is. Hedendaagse grafische bedrijven moeten om te overleven niet alleen zeer creatief zijn, scherp kunnen calculeren en produceren, maar ook bereid zijn forse bedragen in hun machinepark te investeren.

 De grafische bedrijfstak dekt een breed scala aan activiteiten. De ambachtelijke boekbinder of drukker is net zo ambachtelijk als de gelijknamige brouwer. Wie zo produceert kan wellicht op de zaterdagmarkt een boterham verdienen, maar de werkelijkheid ziet er anders uit. De grafische bedrijfstak kan het zich niet permitteren om ambachtelijk of behoudend te zijn. Het overgrote deel van de bedrijven loopt voorop met nieuwe productiemethoden.

 Een krantendrukker beoefent een ander metier dan een drukker die zijn brood verdient met reclamedrukwerk. Een bedrijf dat drukwerk exporteert, moet het niet hebben van geboortekaartjes. Kenmerkend voor de Belgische grafische bedrijfstak is dat er een zeer groot aantal kleine en middelgrote bedrijven zijn en een handjevol echt grote ondernemingen. Die samenstelling van de bedrijfstak is niet alleen voorbehouden aan ons land, in geheel Europa zien we diezelfde opbouw terug.

 Eén van de kenmerken van de grafische bedrijfstak is dat het gehele proces van idee tot product een groot aantal professionals in beweging zet die ieder met hun eigen deskundigheid aan de slag gaan. Het kan beginnen bij een automobielfabrikant die een glossy folder wil voor zijn nieuwste model, bij de slager om de hoek met een weekaanbieding, of met de tijdschriftuitgever die een mooi magazine wil maken of de boekuitgever die denkt een bestseller in handen te hebben.

 Zij beschikken over teksten en beelden en deze moeten samen komen in een drukvorm. Tot ver in de vorige eeuw was lood daarvoor het aangewezen materiaal. In de jaren zeventig en tachtig verving papier en film het lood, waarna begin jaren negentig de digitalisering van de drukvorm aan zijn opmars begon. Op de computer kunnen teksten en beelden met speciale software worden opgemaakt tot complete pagina’s. Deze pagina’s bestaan uit digitale bestanden die de drukker gebruikt om er direct drukplaten mee te maken.

 Een drukker heeft voor het veelkleurige magazine vier kleuren nodig: cyaan, magenta, geel en zwart. Hij - of zij natuurlijk, steeds meer drukkers zijn vrouw - kunnen met deze vier kleuren vrijwel alle kleuren maken die nodig zijn. Een vel papier moet dan ook vier keer door een drukpers met steeds de volgende kleur erop, of - en dat zie je meer - een drukker heeft vier druktorens achter elkaar staan die de vier kleuren achter elkaar in één run op het papier drukken.

 Een los vel papier is nog geen tijdschrift. Daarom komt de binder in actie. Deze snijdt en vouwt de vellen, vergaart ze tot boeken of tijdschriften, zet er een omslag omheen en zorgt er met behulp van touw of lijm voor dat de pagina’s op hun plaats blijven.

 Vandaag is iedereen drukker. Zodra er een afdruk uit de printer rolt, wordt er gedrukt. Of toch niet? Net zo min als iedereen die thuis wel eens een eitje kookt of taartje bakt een Jamie Oliver of Paul Bocuse is, is iedereen die een printje maakt ook drukker. Hoewel een drukker overigens steeds vaker aan het werk is met een printer, waarbij de inkt vervangen is door toner.

 Hoewel het lijkt alsof drukkers vaak met standaardmateriaal werken: papier, inkt of toner en redelijk identieke formaten is dat maar ten dele waar. Er is geen drukker die in een stille periode alvast wat kranten op voorraad gaat drukken zodat het wanneer medewerkers met verlof zijn het wat rustiger is. Vrijwel alle drukwerk is maatwerk, dat soms een terugkerend karakter heeft. Dat gelukkig nog wel. Zo kan briefpapier wel op voorraad worden gemaakt, maar ook weer niet al te veel, want het is niet leuk als het adres veranderd en je een paar ton papier moet weggooien.

 Was het produceren op voorraad altijd al lastig voor drukkers, vragen uit de markt maken dat zo goed als onmogelijk. Grafici moeten ‘on demand’ produceren. Hier en nu en onmiddellijk. Dat geeft niets, want dat waren ze gewend. Wat het lastiger maakt is dat de heel grote oplages dalen. We willen als consument steeds specifiekere boodschappen ontvangen. Niet erg, maar het gevolg is wel dat de oplages gestaag omlaag gaan. Om toch iedereen van drukwerk te kunnen voorzien - of het nu gaat om magazines, kranten of verpakkingen - neemt het aantal drukwerkopdrachten sterk toe. Bovendien willen we die informatie niet morgen, maar onmiddellijk hebben. Het gevolg is een sterke groei in aantal opdrachten, kleinere oplagen en kortere productietijden. Dat zijn de eisen die de markt - wij met zijn allen als consumenten - aan het hedendaagse grafische bedrijf stellen.

 Antwoord geven op die lastige eisen lukt de grafische bedrijfstak wonderwel goed. Door te investeren in de nieuwste machines. En door zoveel mogelijk enthousiaste mensen op te leiden die al hun creativiteit en vernieuwingsdrang kunnen inzetten om dat even mooie als onontkoombare drukwerk om ons heen mogelijk te maken.

 Leon van Velzen

 [Grafisch Nieuws / Nouvelles Graphiques, april 2007]

 

Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 |  Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
Laatst bijgewerkt:
22 juni 2010
Al het gepubliceerde werk op deze website valt onder de spelregels van creative commons.