|
|
Sinds de komst van het web wordt de vraag gesteld of de papieren krant wel toekomst heeft. De vlucht naar voren om ‘de jeugd’ binnen te halen is op korte termijn geen antwoord. Waarom niet alle persen de deur uit? En ga eindelijk netjes drukken op een fatsoenlijk formaat. Goedbeschouwd is het een wonder dat er nog papieren kranten bestaan. Neem de eerste zaterdageditie van NRC Handelsblad uit 2009. Voordat de lezer aan zijn krant begint, dient hij de uitgave eerst zelf te monteren. Ingevouwen tabloid-achtige katernen uit elkaar halen - oppassen voor de uitstekende nietjes - de katernen draaien en op volgorde leggen zoals door de redactie bedacht, de economiepagina’s achter de dagkrant plaatsen en dan kan er in beginsel worden gelezen. Dan toch niet de openingspagina van Opinie & Debat die door overzettende inkt meer vlekken dan informatie bevat. Door naar het katern Wetenschap, waarvan de rechteronderkant zich niet door de weerbarstige trechters liet vouwen met gescheurde pagina’s als gevolg. De spectaculaire kleurenplaat valt in het water doordat de kleuren niet sluiten. En dan wordt NRC vergeleken met andere Nederlandse kranten nog relatief netjes gedrukt. Krantenuitgevers maken zich grote zorgen over hun toekomst. De groei is er helemaal uit. Bijna alle kranten in Nederland zien de oplages dalen. Het Oplage Instituut becijferde voor het derde kwartaal 2008 dat het aantal abonnementen en los verkochte kranten 2,4 procent lager lag dan in dezelfde periode van 2007. Het totaal aantal gratis verspreide dagbladen liep met ruim acht procent terug. NRC Handelsblad was met een teruggang van ruim vijf procent een van de grootste dalers. Gelukkig voor PCM is Nrc.next één van de weinige, bescheiden stijgers met een plusje van 1,4 procent. De betaalde oplage van het AD en de Volkskrant liep met vier procent terug. De Telegraaf raakte 2,5 procent van zijn lezers kwijt. Het Financieele Dagblad, dat in het tweede kwartaal nog met bijna tien procent groeide, verkocht 0,7 procent minder kranten. Bijna alle regionale kranten zagen hun oplage naar beneden gaan. Uitzondering was De Stentor met een plus van 0,8 procent. Alleen de kleine christelijke kranten vertoonden een lichte groei: het Nederlandse Dagblad met 2,1 procent en het Friesch Dagblad met 3,1 procent. Begin december tijdens een hoorzitting van de Tweede Kamer lieten tien Nederlands kranten al weten dat het water hen tot boven de lippen staat. Gestaag dalende abonnee-inkomsten, krimpende advertentiebudgetten en dan zit de economie ook niet mee. “De recessie gaat er bij kranten vol inhakken”. Het recept van de sector? Verlagen van het hoge btw-tarief naar zes of zelfs nul procent en stoppen met de Ster die onder de veilige overheidparaplu tweehonderd miljoen euro uit de advertentiemarkt trekt en zo de concurrentiepositie van commerciële uitgevers ernstig benadeeld. Mede dit geld maakt het de NOS mogelijk te experimenteren met nieuwe media, een luxe die de commerciële uitgevers niet kennen. Alle Ster-gelden opeisen is niet reëel, vinden de uitgevers zelf, maar met twintig procent, zo’n veertig miljoen euro, neemt Telegraaf-directeur Frank Volmer wel genoegen. Het pleidooi is begrijpelijk nadat minister Plasterk in zijn Persbrief de sector vanaf 2010 2,3 miljoen euro per jaar in het vooruitzicht stelt, te verdelen door het Stimuleringsfonds voor de Pers, maar de scepsis is groot. Het gegraai in de PCM-kassen is bijvoorbeeld koren op de molen van de bestuursvoorzitter van de publieke omroep Henk Hagoort die vermoedt dat overheidsgeld niet de lezers of de kranten, maar wel hun aandeelhouders ten goede zal komen. De politiek is niet onder de indruk, dus uit Den Haag zal de redding niet komen. Wat te doen? Brengt de mantra van een aparte krant voor de jongere lezer - waar blijft die beloofde V van de Volkskrant eigenlijk – de rendementen naar een hoger peil? Of gaan uitgevers werkelijk serieus nadenken over de technische mogelijkheden om hun papieren producten, ook in het digitale tijdperk, te verbeteren? De slag om het eerste nieuws is al lang gestreden. Die slag verloren kranten overigens niet na de komst van Internet, maar zo’n zestig jaar eerder met de komst van de radio. En sinds die tijd is er voor beide media ruim voldoende plaats gebleken. Merkwaardig is wel dat de radiotechniek enorme stappen vooruit zette - geen Mexicaanse hond die je nog lastig valt - maar kranten nog steeds denken weg te kunnen komen, met slecht gedrukte, wazige beelden, gescheurde pagina’s en het wegproppen van informatie op steeds kleinere pagina’s. Size does matter in krantenland. De drie gangbare krantenformaten in dit deel van de wereld zijn broadsheet, tabloid en Berliner. Broadsheet is het grootste formaat - 74,9 x 59,7 cm - ooit het privilege van de kwaliteitskrant. Bij de oerversie van de tabloid zijn zowel de hoogte als de breedte ongeveer gehalveerd tot 43,2 x 27,9 cm. Berliner is iets groter dan tabloid en meet 47,0 bij 31,5 cm. Bij alle overlevingsplannen richt de aandacht van uitgevers zich volledig op het terugdringen van de kosten, zoals dat met het verder inkrimpen van bijvoorbeeld redacties gestalte krijgt. Offensieve plannen zijn er nauwelijks. Hoofdredacteur Pieter Boertjes flirt wel met de gedachte om zijn Volkskrant in 2010 op het Berliner formaat te laten verschijnen. Consultant Henk Gianotten liet weten dit ‘een heel erg spannend plan’ te vinden. Hij legt uit dat de Volkskrant nu uitsluitend gedrukt kan worden in het standaard paginaformaat van 42 bij 58 cm. Als je dit vouwt kom je uit op 29 bij 42 centimeter, wat Nederlanders nu tabloid noemen. Het ‘echte’ Berliner formaat meet 31,5 bij 47 centimeter. Dat lijkt een verschil van niks, maar zo vinden zowel Broertjes al Gianotten, het geeft een krant veel meer smoel. De stap naar Berliner is geen gemakkelijke. Bij de start van het vernieuwde AD waren alle beleidsbepalers en vormgevers het er over eens dat dit formaat de toekomst van de krant alleen maar positief kon beïnvloeden. De noodzakelijke investeringen liepen zo hoog op, dat toch besloten werd de krant op dezelfde persen te blijven drukken en deze simpel in tweeën te vouwen. Het gevolg: uitpuilende katernen, geforceerde volgordes van diezelfde katernen en beperkte mogelijkheden nieuws onderscheidend te presenteren. Bij de keuze voor het Berliner formaat gaat het niet alleen om een drukpers die met dit formaat uit de voeten kan. Vanzelfsprekend dient de vormgeving te worden aangepast, maar dat is niets vergeleken met de veranderende plaatformaten, CTP-belichters, papiermagazijnen en afwerkmachines achter de pers tot en met de tassen van de krantenbezorgers aan toe. Henk Gianotten berekende dat de Guardian Media Group in Groot-Brittannië een slordige 120 miljoen euro investeerde in nieuwe persen plus alle noodzakelijke randapparatuur, nadat deze besloot over te stappen op Berliner. Hij wijst erop dat de PCM-drukkerij in Rotterdam nog niet zo lang geleden een facelift onderging, waardoor deze persen toch wel weer zo’n vier tot zes jaar meemoeten. Kan Broertjes zijn Berliner-dromen wel op zijn buik schrijven? Voor De Telegraaf is de formaatkeuze geen onderwerp van discussie meer. In november 2008 liet Hans Elekan weten dat de 130 miljoen die nodig is voor investeringen in uitbreiding of vernieuwing van de persen niet haalbaar is. “Blijft over dat we nog altijd kunnen investeren in tabloid. Dat vereist een investering van enkele tientallen miljoenen euro, waarmee we op elke pagina kleur kunnen drukken.” Dat De Telegraaf daadwerkelijk zou willen overstappen naar het compactere formaat is daarmee overigens niet gezegd. En het AD? De contouren van de plannen na de overname van de titel door de Belgische Persgroep tekenen zich af. Leidsman Christian van Thillo zou van de zieltogende stadsedities in Rotterdam, Utrecht en Den Haag volwaardige regionale kranten willen maken. Ook over de plannen voor de drukkerij komt langzaam meer duidelijkheid. Bert Groenewegen van PCM Uitgevers liet weten wel van zijn krantendrukkerijen in Rotterdam en Den Haag af te willen. De drukkerij in Amsterdam staat niet in de etalage. Dat de Belgen kranten kunnen drukken – ook op het Berliner formaat – laten ze bijvoorbeeld zien in Lokeren. Hier draait onder regie van De Persgroep een van ’s werelds geavanceerdste krantendrukkerijen. Opmerkelijk is dat het in Nederland juist de ‘loondrukkers’ zijn die met de modernste persen de beste producten weten te produceren. Dijkman Offset in Diemen (persen: waterloze KBA Cortina, een Comet en een Solna) bijvoorbeeld neemt de productie van onder andere Het Financieele Dagblad voor zijn rekening. Het blijft een merkwaardig feit dat niet meer krantenuitgevers het drukken van kranten bij een derde partij onderbrengen. Toenmalig tijdschriftuitgever VNU besloot bijna 17 jaar geleden al niet langer te investeren in heavy metal en verzelfstandigde de drukkerijen van Koninklijke De Boer Boekhoven in wat nu Roto Smeets is. De vraag blijft waarom krantenuitgevers die weg niet vaker bewandelen. De tijd dat het drukken van de krant ook tot de kernactiviteit van de uitgeverij gerekend mocht worden ligt al weer ver achter ons. Als de redacties van de verschillende kranten onder het dak van één concern kunnen werken, dan moet het uitbesteden van deze activiteit aan een onafhankelijke derde partij nauwelijks problemen opleveren. Nu Groenewegen van een deel van zijn drukkerijen af wil, komt er beweging in een markt met te veel capaciteit. Verschillende scenario’s zijn denkbaar. De Belgen bijvoorbeeld hevelen de productie van het AD over naar Lokeren. Logistiek lastig, maar niet onmogelijk. Of waarom zou Roto Smeets niet het initiatief kunnen nemen om redelijk zekere krantenorders binnen te halen? Het bedrijf kent de weg, maar zou wel zwaar moeten investeren. Regionaal doet een drukker annex uitgever zoals BDU in Barneveld (pers: Man Roland) al jaren goede zaken. En er zijn er meer. Rodi Media uit Broek op Langedijk bijvoorbeeld (pers: onder andere waterloze KBA Cortina), of drukkerij F.D Hoekstra Boom uit Meppel (pers: Goss FPS). Honderd miljoen euro voor een nieuwe drukkerij is veel geld. Maar wellicht krijgen de lezers die per jaar zo’n driehonderd euro voor een abonnement op tafel leggen op zaterdag dan wel een krant voorgeschoteld, waarvan het formaat deugt, de kleuren sluiten en de katernen op de juiste volgorde liggen. Of is dat te weinig vernieuwend? Leon van Velzen [Media Facts, februari 2009]
Tussen Antwerpen en Gent bouwde De Persgroep in 2007 in Lokeren een nieuwe
krantendrukkerij. De drukkerij is zo ver mogelijk geautomatiseerd, kent een
uitgekiende logistiek en klimaatbeheersing. Het Eco Print Center draait met de
waterloze KBA Cortina pers die bestaat uit een combinatie van cold- en heatset
drukwerken. Daardoor is de pers in staat niet alleen krantachtige producten te
drukken, maar ook full colour magazines voor de weekendedities. Ook zijn er –
binnen zeker grenzen – formaatafwijkingen mogelijk. Deze combinatie van
druktechnieken maakt het gemakkelijker werk van derden aan te trekken. De Belgen
investeerden het ronde bedrag van honderd miljoen euro. Eén van de Nederlandse
krantentitels - op Berliner formaat - uit Lokeren is Den Haag Centraal. |
Vragen of opmerkingen naar: redactie§magazijn.nl
© 1998 - 2010 | Uitgeverij Het Nederlands Magazijn bv
|